Om te leren lezen, rekenen en schrijven in groep 3 moet een kind "eraan toe" zijn. Dit houdt in dat een kind  zich zodanig ontwikkeld heeft dat het in staat is om deze vaardigheden te gaan leren.

 

Hiervoor is het belangrijk dat het kind zowel op motorisch (beweging), zintuiglijk als op neurologisch (hersenen) gebied een ontwikkeling heeft doorlopen en het lijf en de hersenen er klaar voor zijn om leerstof op te nemen en toe te passen. Dit proces heeft tijd nodig en zal meestal rond het 6de tot 7de jaar voltooid zijn.

 

In het schema worden deze gebieden getoond. Gedurende de eerste levensjaren van een kind beïnvloeden deze onderdelen elkaar en helpen ze elkaar ontwikkelen. Er is geen directe volgorde aan te wijzen in deze ontwikkeling. Rond het 6de levensjaar is het kind dan klaar voor het 'schoolse' leren.

 

Elk kind doorloopt dezelfde ontwikkeling van liggen, naar zitten, naar kruipen, naar staan en naar lopen. Maar elk kind is uniek en doorloopt ook zijn eigen ontwikkeling. Het ene kind zal wat sneller gaan lopen, het andere kind zal sneller zijn met praten.

Daarom zal ook het ene kind sneller de 'leervoorwaarden' hebben ontwikkeld dan de ander. Bij kinderen die problemen hebben met leren is het daarom goed om te kijken naar hun ontwikkeling van deze voorwaarden.

Wanneer blijkt dat daar een probleem zit, kun je met gerichte oefeningen deze ontwikkeling stimuleren zodat het kind wel tot leren komt.

 

Via het uitklapmenu wordt elk gebied toegelicht.